De Familie

Het verhaal

Het café is al 114 jaar in de familie. Opa Kleijsen is begonnen, en vader Kleijsen nam het over. Samen met zijn vrouw en 10 kinderen runden ze de boerderij, het café, de molen en de bakkerij. In het café kwamen de boeren hun maalloon afrekenen. Billie weet het nog goed. Een dubbeltje per zak kregen ze. Als jongen hielp hij zijn vader graag. Pa stond boven in de molen de zakken op te halen en beneden moest Billie ‘het pek an de ketting doen’…Hij maakte een strop om de zak, zodat hij naar boven gehesen kon worden.

Het onderhoud van de molen werd op een gegeven moment teveel en het gezin besloot hem aan een stichting te schenken. In die stichting zit nog steeds iemand van de familie. De oudste zoon en een zus namen de boerderij en het café over en Billie had een schiettent bij de molen. Later heeft Billie het café en de boerderij gehuurd en tenslotte gekocht om de zaak voort te zetten.

 

 

 

Horeca mijn lust en mijn leven

Het horeca bloed hebben ze aan zoon Thijs meegegeven die een café in de Duitsland heeft en aan zoon Bart, die volop meewerkt in dit bedrijf. Bart heeft een ernstig ongeluk gehad met een racemotor, want snelheid is ook iets wat in de familie zit. Door het ongeluk is Bart verlamd aan een arm. Om het Bart gemakkelijker te maken zit het café vol met uitvindingen....

 

Een Uniek biertap?

Een startrelais van een oude Ford Taunus is op de tap gemonteerd. Zo kan Bart met zijn knie het meest perfecte biertje tappen! Hand- en knietappen gaat door elkaar, en het werkt perfect!

De jacht

Vol met verhalen zit Billie: veel jacht -en stropers verhalen, of verhalen van vroeger. Billie jaagt behalve op de konijnen, ook op stropers.” Die zitten in ons gebied en dat kan natuurlijk niet “, lacht hij. “Zo was er een stroper die achter onze konijnen en reeën aanzat. Daar zijn we heel zuinig mee, alleen als het er te veel zijn, moeten we voorkomen dat ze een gevaar op de wegen vormen, en dan moeten we ze wel beheren. De aantallen worden nauwkeurig in de gaten gehouden!

Die stroper zag ons lopen en toen we dichtbij kwamen en hij geen kant meer op kon, trok hij zo de broek uit en liet het lopen: Hij zei dan: “Ik moet het toch ook ergens kwijt”. Dit om zijn aanwezigheid daar te verklaren, maar wij wisten wel beter!

 

Op de skies

Eén keer per jaar verlaten ze het hart van Twente voor de wintersport. Zwarte pistes af en daarna après skiën, hoewel dat beide de laatste jaren wel wat minder fanatiek gaat. Hun favoriete land: Oostenrijk, want daar is het gemoedelijke en gezellig. Dat is voor hen namelijk noodzaak om zich thuis te voelen en gezelligheid is een dikke rode draad in hun leven!